nhg

Praktijklijn
078 - 621 01 73

Faxlijn
078 - 621 39 27

Spoedlijn
078 - 616 22 12

Huisartsenpost
Na 17.00 uur en weekend

078 - 20 200 20


Wat zijn Soa?

Soa (seksueel overdraagbare aandoeningen) zijn besmettelijke ziekten die door onveilig vrijen kunnen worden overgedragen. Voorbeelden zijn chlamydia, gonorroe, syfilis, hiv en hepatitis B. U kunt een soa hebben zonder dat u er iets van merkt. U kunt dan ook ongemerkt een ander hiermee besmetten. Sommige soa hebben ernstige gevolgen als ze niet op tijd worden behandeld. Gelukkig zijn de meeste soa goed te behandelen als u er op tijd bij bent.

Hoe ontstaan soa?

De meeste soa worden door bacteriën of virussen veroorzaakt. Deze zitten in het slijmvlies, het (menstruatie)bloed, sperma of vocht uit de penis of vagina van iemand die besmet is met een soa.

Soa kunnen worden overgedragen tijdens onveilig vrijen met een besmet persoon: als er contact is tussen de slijmvliezen van de penis, de vagina, de anus of de mond. Bijvoorbeeld bij vaginale of anale seks (contact tussen penis en anus) zonder condoom, of bij orale seks (contact tussen mond en geslachtsdelen: pijpen of beffen) zonder condoom of beflapje. Soa kunnen ook via (menstruatie)bloed, sperma (soms ook vocht dat voor het klaarkomen uit de penis komt) of vaginaal vocht met de vingers of met een dildo op het slijmvlies van een ander worden overgebracht.

Sommige soa zijn ook overdraagbaar via bloed, bijvoorbeeld bij een onhygiënisch uitgevoerde tatoeage of piercing, of wanneer iemand het scheermesje of (bij drugsgebruik) naalden of spuiten van een besmet persoon gebruikt.

Sommige soa kunnen tijdens de zwangerschap of bevalling van moeder op kind worden overgedragen.

Iemand die een soa heeft, kan als het slijmvlies daardoor aangetast is, gemakkelijker andere soa oplopen.

Soa krijg je niet door uit het kopje van een ander te drinken, en ook niet via een hoestbui, insectenbeten, een zwembad of een wc-bril.

Verhoogde kans op soa

Per jaar lopen in Nederland ruim 100.000 mensen een soa op en dat aantal neemt nog steeds toe. Sommige soa komen in bepaalde groepen vaker voor dan in andere. We noemen dit risicogroepen:

  • jongvolwassenen met heteroseksuele contacten;
  • mensen met veel wisselende seksuele contacten, of die al een soa hebben (gehad);
  • mensen met homo- of biseksuele contacten;
  • mensen die in de prostitutie werken en hun klanten;
  • mensen die drugs spuiten;
  • mensen uit landen waar AIDS veel voorkomt (Afrika ten zuiden van de Sahara, Caribisch gebied; steeds meer ook Zuid- en Zuidoost-Azië, Oost-Europa en Centraal-Azië);
  • mensen uit landen waar veel hepatitis B heerst zoals Zuidoost-Azië, Afrika ten zuiden van de Sahara; ook in Oost-Europa, voormalige USSR, Middellandse-Zeegebied, Midden- en Zuid- Amerika, Midden-Oosten);
  • mensen die al een soa hebben (gehad);
  • mensen met een partner uit een risicogroep.

Adviezen

Mensen die tot een risicogroep behoren, hebben een verhoogde kans op het krijgen van een soa. Zij moeten dus extra zorgvuldig zijn met maatregelen om het oplopen van een infectie te voorkomen. Ook moeten zij extra goed letten op verschijnselen die op een soa kunnen wijzen. Door tijdig naar de huisarts of een soa-polikliniek te gaan, kan een soa vroegtijdig worden opgespoord en behandeld. Daarmee helpt u ernstige gevolgen van de ziekte bij uzelf en besmetting van anderen te voorkomen.

Veilig vrijen

Veilig vrijen is de beste manier om soa te voorkomen. Het gaat erom contact tussen de slijmvliezen van de penis, vagina, anus en mond te vermijden. Tongzoenen en elkaar met de vingers bevredigen is over het algemeen veilig, maar zorg dat er geen (menstruatie)bloed, sperma (of vocht dat voor het klaarkomen uit de penis komt) of vaginaal vocht op het slijmvlies van de ander komt, want dat verhoogt de kans op overdracht van soa. Gebruik bij vaginale en anale seks (contact tussen penis en anus) of bij het uitwisselen van een dildo altijd een nieuw condoom. Bij orale seks (contact tussen mond en geslachtsdelen: pijpen of beffen) geeft een condoom of een beflapje bescherming.

Probeer veilig vrijen van tevoren met uw partner te bespreken. Dit kan lastig zijn, bijvoorbeeld als u zich onzeker voelt, als uw partner andere verwachtingen heeft, als er culturele belemmeringen zijn of als u alcohol of drugs heeft gebruikt. Denk hier van te voren over na zodat u hierop bent voorbereid.

Sommige risicogroepen krijgen het advies zich tegen hepatitis B te laten inenten om te voorkomen dat ze deze seksueel overdraagbare aandoening krijgen.

Wat zijn mogelijke verschijnselen van een soa?

Van sommige soa merkt u niets of lange tijd niets. De volgende verschijnselen kunnen wijzen op een soa:

Bij de vrouw

  • ongewone vaginale afscheiding (overvloedig, geelgroen of sterk ruikend);
  • zweer(tjes), wratten of branderige blaasjes op de schaamlippen en de vagina;
  • vaginaal bloedverlies na geslachtsgemeenschap (contactbloeding) of tussen de menstruaties;
  • pijn in de onderbuik;

Bij de man

  • zweer(tjes), wratten of blaasjes op de penis of eikel;
  • pus of waterig vocht uit de plasbuis (druiper);

Bij beiden

  • wratten of zweertjes bij de anus, pijnlijk (branderig) plassen, pijnlijke anus, geelzucht, opgezette klieren in de liezen, jeuk in het schaamhaar.

Wanneer contact opnemen?

Als u denkt dat u misschien een soa heeft of als u zeker wilt weten dat u geen soa heeft, neem dan contact op met de praktijk of met een soa-polikliniek. Dan kunt u zich hierop laten onderzoeken, bijvoorbeeld door een urinetest of wat afscheiding van de vagina of plasbuis te laten afnemen. Sommige soa kunnen alleen door een bloedtest worden aangetoond.

Het is dan verstandig veilig te vrijen tot u zeker weet dat u geen soa heeft of hiervoor behandeld bent. Hetzelfde geldt voor uw partner(s). De meeste soa zijn goed te behandelen als u zich tijdig worden ontdekt. Als blijkt dat u een soa heeft, is het van belang (vroegere) partners te informeren zodat ook zij zich kunnen laten testen en eventueel behandelen.

Meer informatie

Voor meer informatie kunt u ook terecht bij Soa Aids Nederland (http://www.soaaids.nl) of de Aids Soa Infolijn (tel. 0900-2042040).

Heeft u nog vragen?

Als u na het lezen nog vragen heeft, kunt u deze via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. aan ons stellen